SDG 07: Harelbeke verzekert toegang tot betaalbare, betrouwbare, duurzame en moderne energie voor iedereen

In het jaar 2020 hebben we de verbruiken via een externe en interne energieboekhouding grondig opgevolgd. Met regelmaat worden de meterstanden genoteerd waardoor we een beter inzicht krijgen welk causaal verband aan de verbruiken zijn verbonden.

De meterstanden van de meeste gebouwen worden sinds 2000 genoteerd. Ook hebben we nu duidelijkheid over de verdeling van de energiestromen. Dat resulteert in nog meer gedetailleerde analyses die ons in staat stellen om trends, impact van investeringen, functiewijzigingen, pijnpunten en mogelijke quick-wins in kaart te brengen.

In 2020 hebben we onze interne en externe energieregistratie in een nieuw energie-managementprogramma E-lyse ingevoerd. De technische medewerkers kunnen via tablet en/of smartphone de meterstanden invullen en hebben meteen inzage in het verbruik. Ze worden snel verwittigd bij abnormale verbruiken waardoor korter op de bal kan gespeeld worden. In 2021 wordt hierin verder geïnvesteerd om de meterstanden via digitale tellers automatisch in het programma in te brengen, waardoor nodeloos verbruik sneller zal worden gedetecteerd.

Dit jaarrapport beperkt zich tot de samenvatting van de meest belangrijkste gebouwen van Stad Harelbeke, die ongeveer 80% van de totale energiekost (van gebouwen) uitmaken. Een detailanalyse van het energieverbruik per item en per gebouw kan men steeds opvragen bij de facilitaire dienst.

Elektriciteitsverbruik

jaarverslag 2020-afb1

De gele puntjeslijn visualiseert de doelstelling van ons interne klimaatplan uit 2011, waarbij ieder jaar 1% energie wordt bespaard.

De onderste oranje stippellijn geeft ons de richting aan om aan de doelstellingen uit de Burgemeestersconvenanten te voldoen. In het eerste Burgemeesterconvenant, uit 2013, was het streefdoel om 20% CO2 te besparen tegen 2020 t.o.v. 2005.

Het nieuwe Burgemeesterconvenant 2.0, goedgekeurd in 2019, zet deze doelstelling nog scherper met een daling van 40% tegen 2030.

De Vlaamse Regering lanceerde eind 2020 een voorstel voor een lokaal energie- en klimaatpact die ze willen afsluiten met de lokale besturen. Dit voorstel bestaat uit een aantal engagementen van lokale besturen en een aantal gemeenschappelijke doelstellingen waar Vlaanderen samen met de lokale besturen wil aan werken via vier concrete werven. Eén van de gevraagde engagementen van lokale besturen is de CO2-uitstoot van eigen stadsgebouwen te reduceren met 40% tegen 2030 t.o.v. het referentiejaar 2015. De bovenste oranje lijn is reeds een visualisatie van deze doelstelling.

Als we de evolutie over de voorbije jaren heen bekijken, halen we in het begin van 2020 de doelstellingen van ons intern klimaatplan, maar niet die van de burgemeester-convenantie. Ironisch genoeg heeft COVID-19 ons wel geholpen om toch binnen de lijnen te vallen in het begin van 2021.

Als we de doelstellingen van 2030 willen halen, zullen doorgedreven investeringen nodig zijn. Zonnepaneelinstallaties met verhoogde zelfconsumptie, relighting, sturingen, sensibilisering, etc… zijn de belangrijkste items waar we ons de volgende jaren op moeten toeleggen.

Gasverbruik

jaarverslag-afb2

In deze grafiek worden diezelfde doelstellingen gevisualiseerd door de oranje en gele lijnen. Hier zien we duidelijk wat de impact van het warmtenet langs de Leie en de geothermie van school Zuid heeft teweeggebracht. Indien we stadhuis, bibliotheek en CC het SPOOR ook aan het warmtenet koppelen, mogen we er “warmpjes“ op inzetten dat we onze doelstelling van 2030 halen.

Waterverbruik

jaarverslag 2020-afb3

Voor waterverbruik zijn er geen specifieke doelstellingen vastgelegd maar met de herhaaldelijke droge zomers en daling van het grondwaterpeil, mogen we er gerust vanuit gaan dat die nog gaan komen.

We zitten met een pak verouderde gebouwen die zich de laatste tijd vertalen in waterlekken die te laat worden gedetecteerd. In de jaren ’70 en ’80 werd ook niet geïnvesteerd in regenwaterrecuperatie waardoor we nu een hoge exploitatiekost hebben. We hopen dat het verbruik grondig zal dalen bij de vernieuwing van sommige gebouwen.

Met de nieuwe digitale watermeters die in 2021 en 2022 worden voorzien, houden we ons verouderd leidingnet voorlopig in de gaten en kunnen daardoor sneller optreden bij ondergrondse leidingbreuken.

Toch hebben we, ondanks de laatste waterlekken, een kleine daling in het verbruik, mede versterkt door het corona-effect. Indien we dit verder zouden simuleren tot 2030, zou de mogelijkheid bestaan om het waterverbruik van 2015 met de bijna de helft te verminderen. 

Conclusie

Stad Harelbeke blijft, volgens intercommunale Leiedal, een “leading”-rol spelen op het vlak van energiebewaking en doelgerichte energie-investeringen. Facility en Grondgebiedszaken zullen de komende jaren die leidersrol proberen te behouden door middel van een strikt programma van eisen voor de nieuwe gebouwen en innovatieve en doordachte investeringen voor de bestaande gebouwen.

Onze technische medewerkers worden nu hoog opgeleid in de domotica, energieboekhouding, gebouwbeheerssystemen, foutopsporing en dergelijke, waardoor ze niet meer te vergelijken zijn met de “klusjesmannen” van een twintigtal jaar terug.