Collectie

Het museum 

Hoe breng je een museum over een componist tot leven? Het resultaat zie je in het Benoitmuseum dat in 2002 een totale gedaanteverwisseling onderging. 

Vijf vrouwen vertellen over het leven, werk en belang van de meester. Elk van deze muzen heeft een grote invloed op hem uitgeoefend.

Eerst en vooral is er in het geboortehuisje de moeder, Rosalie Monie, die haar zoon de liefde voor muziek bijbrengt. Zij ijvert er ook voor dat hij kan studeren aan het conservatorium. Zij zorgt ook voor zijn enorme liefde voor zijn moedertaal (moederspraak) en zijn gehechtheid aan zijn geboortestad Harelbeke.

Na het behalen van de Prix de Rome trekt Benoit naar Parijs. Hij dirigeert er in het Théâtre des Bouffes Parisiens het populaire gezelschap van Jacques Offenbach, waar hij Julie Zoë Pfotzer leert kennen. Zij staat hier dan ook symbool voor zijn Parijse periode.

Terug in Brussel, trouwt hij met Flore Wantzel. Hij draagt heel wat werken aan haar op, maar wanneer hij directeur wordt aan de muziekschool van Antwerpen, weigert zijn echtgenote om hem te volgen en blijft achter in Brussel.

In Antwerpen wordt hij opgevangen door de gouverneursdochter Constance Teichmann, die vooral een inspiratiebron lijkt voor zijn religieus getinte werken, zoals zijn Quadrilogie Réligieuze, het Drama Christi en de Missa Brevis.

Zijn laatste jaren brengt Benoit door bij zijn laatste muze, Agnes Mertens. Zij is herbergiersdochter in 't Gecroonde Ancker, waar Benoit verblijft. Bij testament laat hij al zijn bezittingen aan haar na. Zij geeft enkele werken in eigen beheer uit en zorgt ervoor dat zijn cultureel testament, waarin hij eist dat al zijn werken in het Vlaams worden uitgevoerd, nauwkeurig wordt opgevolgd.

Uniek voor het museum zijn de geluidsdouches, waar je kennis maakt met verschillende muziekgenres, niet alleen van Benoit maar ook van voorgangers, tijdgenoten en navolgers. Bij het binnenkomen krijg je een film te zien waar hedendaagse muziekmakers stilstaan bij zijn internationale betekenis.

 

De bibliotheek

In het museum vind je een unieke bibliotheek met stukken over Peter Benoit. Er is ook een verzameling van bijna 4000 volksliederen te vinden. De verzameling is bijeengebracht door Paul Vandebuerie, stichter van het museum.